Reflectie op een Minor: Kind, Leren & Media
Na een periode van 10 weken is de minor Kind, Leren & Media ten einde gekomen. Deze minor bood de gelegenheid om veel te leren en waardevolle ervaringen op te doen. De focus lag op de vraag: "Hoe kan ik op verschillende manieren media toepassen in mijn lessen?" Deze brede vraag leidde tot de kennismaking met diverse nieuwe tools en concepten.
Een belangrijk geleerd aspect is het effectieve gebruik van Nearpod, een interactieve presentatietool. Voorheen was het gebruik van ICT in het onderwijs beperkt tot tools zoals Gynzy. Het TPACK-model van Koehler en Mishra (2014) bood inzicht in het ontwerpen van boeiende lessen door de integratie van technologie, pedagogiek en inhoud. Dit model heeft bijgedragen aan een bewuster gebruik van ICT in onderwijsontwerpen.
De Hoeden van De Bono (2013) hebben eveneens indruk gemaakt. Hoewel de les hierover gemist werd, was de impact groot. De groene hoed, gericht op creatief denken, resoneerde sterk. Dit concept zal worden toegepast om leerlingen vanuit diverse perspectieven naar problemen te laten kijken, bijvoorbeeld tijdens discussievormen.
De focus lag verder op 21st century skills (2010), de Taxonomie van Bloom (2001) en het Competentiemodel (2012). De ontvangen ruimte en ondersteuning van zowel de directie als de mentor maakten het mogelijk om volop te experimenteren. De enthousiaste reacties van leerlingen bevestigen het succes van deze aanpak.
De betrokkenheid van leerlingen bij het gebruik van ICT is hoog. Samenwerking en gezamenlijke resultaten met ICT en media zijn essentieel. Dank wordt uitgesproken aan Bernolf Kramer, Erik Meester, Stefan van Beurden en Alex Koks voor de inspirerende minor.

Evolutie van het Onderwijs: Van Society 1.0 naar Society 3.0
De snelle technologische ontwikkelingen stellen eisen aan het onderwijs. Vroeger, zo'n 8 jaar geleden, was internetgebruik en digitale communicatie beperkt. Inbellen via de telefoon was de norm en digitale schoolborden waren een uitzondering. Het traditionele klassikale leren, waarbij leerlingen passief luisterden naar de leerkracht (Society 1.0), is verleden tijd.
De ontwikkeling ging verder naar Society 2.0, waar meer nadruk kwam te liggen op inzicht in het eigen leerproces, samenwerking en communicatie. Met de opkomst van internet en digitale middelen is de wereld kleiner geworden. Society 3.0 kenmerkt zich door wederzijds leren, wereldwijde communicatie via internet en telefoon, en een informele, op het internet gebaseerde sturing.
De banen van de toekomst zijn nog onbekend, wat een andere vorm van onderwijs vereist. De huidige generatie leerkrachten moet zich aanpassen aan deze drastische veranderingen. Het tempo van kennisdeling en verbinding is ongekend hoog. We bevinden ons in de transformatiefase (van den Hoff, 2011), waarin oude structuren verdwijnen en nieuwe kansen worden benut.

ICT-Integratie in de Praktijk: iPads en de Rol van de Leerkracht
Voorheen werd voornamelijk het digibord gebruikt, met interactie door leerlingen naar het bord te halen. Tegenwoordig zijn iPads onmisbaar geworden in lessen, voor introductie, verkenning en verwerking. De focus ligt op het creatief inzetten van ICT-middelen om de betrokkenheid te verhogen.
De wereld wordt steeds moderner, wat uitdagingen met zich meebrengt voor oudere leerkrachten. De vraag of leerkrachten in de toekomst nog nodig zijn, is reëel. De rol van de leerkracht zal verschuiven naar die van coach, waarbij leerlingen worden gestuurd en begeleid in plaats van enkel kennis wordt overgedragen.
Social Media in het Onderwijs: Kansen en Uitdagingen
Sociale media zijn niet meer weg te denken uit het leven van jongeren. Nederlandse kinderen behoren tot de koplopers in social media gebruik. Platforms zoals YouTube worden ingezet voor educatieve video's en het presenteren van leerlingenwerk, wat online samenwerking en kennisdeling bevordert.
Instagram biedt educatieve kansen, zoals fotoprojecten en directe communicatie via privéberichten. Het is cruciaal om duidelijke afspraken te maken over gepast gedrag online en om onderscheid te maken tussen privé- en professionele accounts.
Voordelen van social media zijn onder andere het gemakkelijke contact leggen. Nadelen omvatten echter privacyrisico's, aangezien informatie zich snel kan verspreiden. Het is de taak van de leerkracht om leerlingen bewust te maken van deze risico's.

Mediawijsheid: Kennis, Vaardigheden en Mentaliteit
Mediawijsheid wordt gedefinieerd als het geheel van kennis, vaardigheden en mentaliteit waarmee burgers zich bewust, kritisch en actief kunnen bewegen in een complexe, gemedialiseerde wereld. Om dit te operationaliseren, is het Mediawijsheid Competentiemodel (2012) ontwikkeld, gebaseerd op 10 competenties.
Dit model, dat 5 niveaus per competentie kent, vat mediawijsheid samen als 'de verzameling competenties die je nodig hebt om actief en bewust deel te kunnen nemen aan de mediasamenleving'. Het model dient als een competentievenster voor leerkrachten, met richtlijnen voor verschillende leeftijdsfasen van leerlingen.
Het ontwikkelen van mediawijsheid is essentieel voor leerlingen om hen voor te bereiden op toekomstige beroepen. Het begrijpen van apparaten en softwaretoepassingen is cruciaal. Door leerlingen te laten werken met iPads voor presentaties, strips, brainstormen en tools als Skype en iMovie, worden zij mediawijzer gemaakt.
Mediawijsheid Competentiemodel Xplained
Innovatie en Adoptie: De Hoeden van De Bono en Rogers' Innovatietheorie
De zes denkhoeden van De Bono (2013) bieden een gestructureerde manier om vanuit verschillende perspectieven naar een probleem te kijken. Door de denkhoeden te gebruiken, worden mensen gedwongen om buiten hun gebruikelijke denkpatronen te treden.
De groene hoed, gericht op creatief denken, resoneert sterk met de ervaringen tijdens de minor. Dit heeft geleid tot meer durf om te experimenteren en ideeën aan te dragen. Hierdoor kan een bijdrage worden geleverd aan de ICT-ontwikkelingen binnen onderwijsinstellingen. De rol als early adopter (Rogers, 2003) binnen het onderwijs wordt omarmd, met als doel om teams en directeuren te inspireren.

Cyberdreigingen en Beveiligingsmaatregelen
In juni 2025 werd de Salesforce-instantie van Google gecompromitteerd door een geavanceerde vishing-afpersingscampagne, georkestreerd door de dreigingsgroep UNC6040 en UNC6240, bekend als "De Com"gelinkt aan"Glanzende Jagers". Gelijktijdig werd de Salesloft Drift-aanval, uitgevoerd door UNC 6395, een significant cyberincident. De diefstal van OAuth-tokens leidde tot SOQL-query's op Salesforce-databases, met gevolgen voor honderden klanten.
Een Telegram-kanaal genaamd "Scattered LAPSUS$ Hunters" ontstond, een samenvoeging van bekende dreigingsactoren. Deze groep richt zich op het uitbuiten van de menselijke factor. UNC6395 misbruikt OAuth-mechanismen voor Salesforce-toegang via gecompromitteerde derde partijen, terwijl UNC6040 vishing en OAuth-misbruik combineert met social engineering.
Aanvallen van UNC6040 en UNC6240 kwamen vaak van TOR-exit nodes in Nederland of Polen, waarbij TOR-verkeer werd gecombineerd met legitieme OAuth-sessies. De aanvallen van UNC6395 konden worden herleid tot TOR-exit nodes in Duitsland of Nederland. Beide campagnes maken gebruik van NL-exitknooppunten.
Beveiligingsmaatregelen omvatten:
- Continue scanning op login-gebeurtenissen van onbekende IP-adressen.
- Beheer van een dynamisch register van goedgekeurde apps.
- Activering van waarschuwingen bij nieuwe of afwijkende app-registraties.
- Implementatie van een workflow voor beheerdersgoedkeuring.
- Implementatie van beller-ID-verificatie en spraakanalysemodules.
- Inspectie van uitgaand verkeer op afwijkende TOR-exitknooppunten en VPN-tunnels.
- Abonneren op ATT&CK- en IOC-updates.
- Strategisch initiatief: SaaS Posture Management voor continue inventarisatie en beleidshandhaving van integraties van derden.
De inbreuk op Google Salesforce onderstreept kritieke kwetsbaarheden in moderne SaaS-omgevingen. Zelfs gegevens die als "laaggevoelig" worden beschouwd, kunnen worden ingezet voor gerichte phishing en afpersing. De UNC6395-campagne benadrukt hoe OAuth-integraties de SaaS-beveiliging kunnen ondermijnen. Sterke governance van OAuth-apps, tokenlevenscycli en SaaS-gedrag zijn cruciaal.

Innovatie in de Luchtvaart: Virtual Reality bij Brussels Airlines
Brussels Airlines integreert virtual reality (VR) in de type rating training voor A320 piloten. Na een testfase wordt de VR-oplossing nu gebruikt voor de Airbus A320 type rating-training. De volgende stap is de uitrol bij alle tien A320-operators binnen de Lufthansa Group op zeven trainingslocaties.
De VR-training zal primair worden ingezet voor het oefenen van normale, standaard operationele procedures.
Mediawijsheid Competentiemodel Xplained
Governance en Staatsbelang bij Air France-KLM
Tijdens een vergadering op 31 mei 2022 werd het wetsvoorstel inzake de aandelenemissie van Air France-KLM behandeld. Er ontstond discussie over de governance van de board, specifiek de rol van de Nederlandse afhankelijke en onafhankelijke bestuursleden.
Voor 2019 was Nederland vertegenwoordigd door een onafhankelijk lid, dat beperkt informatie mocht delen met de Staat. Na de aandelenaankoop in 2019 werd dit lid een afhankelijk lid, met de mogelijkheid om alle informatie te delen en afstemming te plegen over de in te nemen positie. Dit lid treedt op als "stroman" van Nederland om het Nederlandse belang te dienen.
De discussie spitste zich toe op de mogelijke wijziging van de status van de Nederlandse bestuursleden naar "onafhankelijk", wat de informatiepositie en afstemmingsmogelijkheden zou beperken. Het kabinet gaf aan dat de status van het lid afhankelijk is van het Nederlandse aandelenbelang. Bij een daling van het belang kan de status veranderen naar onafhankelijk.
De fractie van GroenLinks benadrukte de noodzaak van duidelijke kaders en klimaatbeleid, ook voor de luchtvaartsector. De participatie in de aandelenemissie werd kritisch bekeken in het licht van de klimaatcrisis en de noodzaak van duurzame transitie.

tags: #klm #sessie #vergrendeld