Zingeving na het verlaten van religie: Een zoektocht naar betekenis

Geloof en zingeving kunnen een positieve rol spelen in het leven van mensen die met suïcidale gevoelens rondlopen. Echter, het is cruciaal om te onderzoeken wat hierover bekend is en welke valkuilen er eventueel zijn.

Praktische ervaringen met zingeving en suïcidaliteit

In een gesprek met een vrouw die dichtbij zelfdoding was geweest, kwam naar voren dat de gedachte aan haar kinderen haar op het laatste moment had tegengehouden. Ze zocht hulp en gaf aan zich niet te willen suïcideren vanwege haar geloof, uit angst om in een 'donkerdere plaats' terecht te komen. Hoewel ze steun had gevonden in gebed, kon ze dit op dat moment niet meer opbrengen omdat ze er niets meer bij voelde.

Deze casus, die zich slechts enkele weken geleden afspeelde, biedt een inkijkje in een persoonlijke, maar diepe afgrond. De vraag rijst waarom behandelaars en naasten zich zouden willen verdiepen in deze pijn en zelfdestructieve denkwerelden. Hoewel de menselijke neiging is om zich van zo'n afgrond af te wenden, is verdieping en onderzoek essentieel.

Wetenschappelijke en persoonlijke zoektocht

Als psychiater, tien jaar geleden, werd de auteur intensief geconfronteerd met het thema suïcidaliteit. Dit markeerde het begin van een wetenschappelijke en persoonlijke zoektocht naar de invloed van religiositeit en spiritualiteit op suïcidaliteit bij psychiatrische patiënten. Deze zoektocht vereiste een verdieping in de persoonlijke afgrond van patiënten, met als doel te achterhalen wat hen hielp of zou kunnen helpen.

Nederland kent een grote diversiteit aan religies. Tijdens de behandeling van religieuze patiënten met suïcidaliteit op een opnameafdeling, ontstond een diepgaande interesse in dit onderwerp. Uit onderzoek bleek dat het jodendom, christendom en de islam suïcide afwijzen. Bovendien toonden verzamelde studies in de algemene populatie aan dat gelovigen significant minder suïcides plegen, soms tot tachtig procent minder in bepaalde gebieden.

schematische weergave van de relatie tussen religie, spiritualiteit en suïcidaliteit

Onderzoeksvragen en methodologie

Gedurende de afgelopen jaren hebben de auteur en collega's gezocht naar antwoorden op drie kernvragen:

  • Heeft het verloop van een depressie invloed op de relatie tussen religie, spiritualiteit en suïcidaliteit?
  • Welke aspecten van geloof bieden bescherming tegen suïcidaliteit, en welke niet?
  • Hebben religie, spiritualiteit en zingeving daadwerkelijk een relatie met minder suïcidaliteit bij psychiatrische patiënten?

De methodologie omvatte uitgebreid getalsmatig onderzoek, met veel statistische analyses, in lijn met de medische traditie. Het hoofddoel was om, indien geloof een belangrijke factor is, te onderzoeken hoe hierover in gesprek kan worden gegaan. Het uitgangspunt is niet om de afgrond te mijden, maar om aanwezig te zijn en te helpen de eerste stap naar herstel te zien.

De invloed van depressie op geloofservaringen

Wanneer iemand depressief wordt, worden emoties, gedrag en overtuigingen gekleurd door de sombere stemming. Een studie met 155 deelnemers met een religieuze achtergrond en een vervolgmeting bij een deel van hen, evenals een experience sampling-studie met 28 participanten, onderzochten dit fenomeen. In de experience sampling-studie werden vragen herhaaldelijk via een app gesteld.

De resultaten toonden aan dat depressieve deelnemers een negatievere geloofsbeleving ervoeren. Ze voelden minder steun van God of een hogere macht en ervoeren juist meer boosheid naar God. Opvallend was echter dat juist tijdens de depressie een beschermende werking van geloof aanwezig kon zijn. Deelnemers met een positiever godsbeeld of morele bezwaren tegen suïcide hadden minder sterke suïcidale gedachten.

Naarmate de depressie opklaarde, verminderde de suïcidaliteit. Ook de geloofsbeleving veranderde; meer deelnemers ervoeren steun en nabijheid van God. In de experience sampling-studie hing dit samen met het ervaren van meer innerlijke vrede en meer redenen om te blijven leven.

Wereldwijd onderzoek naar religie, spiritualiteit en suïcidaliteit

Een overzichtsstudie analyseerde wereldwijd alle studies naar de relatie tussen religie, spiritualiteit en zingeving bij psychiatrische patiënten. Veel studies bleken gebaseerd op een eenmalige meting en gebruikten slechts één maat voor religie of spiritualiteit. De complexiteit van religie en spiritualiteit, met diverse aspecten zoals positieve en negatieve copingstrategieën en deelname aan religieuze bijeenkomsten, werd hierbij onvoldoende belicht.

Een meta-analyse van meer dan honderd onderzoeken wereldwijd bevestigde dat religie, spiritualiteit en zingeving gerelateerd waren aan minder suïcidaliteit, met een klein maar significant effect. Drie sets van factoren speelden hierbij een rol:

  • Zingeving: Het zien en ervaren van een betekenisvol leven hing samen met minder suïcidaliteit. Worstelen met zingeving kon suïcidaliteit echter juist versterken.
  • Verbonden voelen: Dit bleek belangrijker dan het behoren tot een specifieke geloofsrichting. Ervaringen van verbondenheid, zoals een positief godsbeeld of andere ondersteunende gedachten en ervaringen, boden steun.
  • Religieuze normen: Met name morele bezwaren tegen zelfdoding droegen bij aan lagere suïcidaliteit.

Het onderzoek benadrukt dat het stellen van eenvoudige vragen, zoals "Ervaart u in deze periode steun uit geloof of zingeving, of worstelt u hier juist mee?", kan leiden tot waardevolle gesprekken. Het gebruik van de woorden die iemand zelf gebruikt, helpt om de 'trage vragen' te verkennen en hopelijk ruimte te scheppen.

Verschuiving in religieuze identiteit

Traditionele vormen van religie nemen af. In 2017 rekende een meerderheid van de Nederlandse bevolking zich niet meer tot een religieuze groepering. Dit betekent echter niet per se dat mensen a-religieuzer worden. Onderzoek toont aan dat een kwart van de bevolking een 'vloeibare religieuze identiteit' heeft aangenomen.

Spiritueel transformatiecoaches merken dat mensen, vooral voormalige kerkgangers, worstelen met het leven volgens een externe autoriteit. Dit kan leiden tot beperkingen in zelfontplooiing. Mensen die hun geloof vaarwel zeggen, zoeken naar nieuwe vormen van zingeving. Maren Wilkeshuis stelt dat het zoeken van bevestiging buiten jezelf, in religie, een partner of materiële zaken, de overtuiging kan versterken dat men niet 'heel' en perfect is.

In strenge religies wordt vaak de boodschap van 'niet goed genoeg zijn' of 'gestraft worden' meegegeven. De werkelijkheid is echter veel ruimer. Door 'oogkleppen af te zetten' en breder te kijken, kunnen mensen voelen wat voor hen echt klopt. Dit betekent niet per se het vaarwel zeggen van God, maar het anders ervaren van het leven door eigen gevoelens serieus te nemen en niet te laten leiden door angst.

So Lu Tio Anita Smits-medium en spiritueel coach

Het belang van eigen intuïtie en gevoel

Het contact met het eigen zelf en de eigen impulsen kan verloren gaan wanneer men altijd heeft geleerd te leven naar een bepaalde leefwijze. De interne criticus, vaak gefilterd door religieuze normen, kan hier een rol in spelen. Bewustwording van dit innerlijke stemmetje is de eerste stap. Kiezen voor een andere weg dan de criticus voorschrijft, kan eng zijn, maar is noodzakelijk voor persoonlijke groei.

Het volgen van het eigen pad betekent keuzes maken die voor het individu goed voelen, ook al lijken deze voor de omgeving gestoord. Maren benadrukt dat het leven 'vóór jou' werkt en niet 'tegen jou'. Dit vraagt om overgave aan het leven, het hogere zelf, de stilte, liefde of God - hoe men het ook wil benoemen.

Van traditionele religie naar persoonlijke geloofsbeleving

Jacqueline Maschino, katholiek opgevoed, voelde zich niet langer thuis binnen de kerk. De vrijzinnigheid van de remonstranten, waar het homohuwelijk breed geaccepteerd is en het geloof in God geen vereiste is, sprak haar aan. De mogelijkheid om verschillende spirituele en levensbeschouwelijke interesses te combineren, zonder dogmatiek, inspireert haar.

Hoewel ze zich niet meer katholiek voelt, eert Jacqueline haar achtergrond. Ze heeft haar plek gevonden in een gemeenschap waar naar elkaar wordt omgekeken en waar ze zichzelf mag zijn. Ze gelooft in het 'al', het universum, als bron van haar geloof, en ziet liefde als de essentie die in ieder mens aanwezig is.

Mayanoraa, islamitisch opgevoed, vond haar weg naar 'geloven in de liefde'. Ze benadrukt dat geloofsovertuigingen voortkomen uit liefde, of dit nu voor het geloof, het verhaal of de leefregels is. Ze gelooft in tederheid naar mensen toe, en ziet dat gemeenheid voortkomt uit een tekort aan liefde, wat geheeld kan worden met liefde. Het idee van kijken met het 'hart' in plaats van met de ogen, en het begrijpen in plaats van veroordelen, voedt haar overtuiging dat God het hart is dat in ons allen zit.

Kernboodschappen voor de klinische praktijk

Psychische problemen en ingrijpende gebeurtenissen kunnen leiden tot stress en vragen over betekenis en zingeving. Voor jongeren kan religie een potentiële hulpbron zijn, bekend als 'positieve religieuze coping'. Behandelaars wordt aangeraden om naast symptoom bestrijding, aandacht te hebben voor het ontdekken van sterke kanten en hulpbronnen, zowel bij de jongere als in de omgeving.

Religieuze coping kan een belangrijke rol spelen wanneer andere copingstrategieën ontoereikend zijn. Het expliciet betrekken van religieuze coping, bijvoorbeeld via werkboeken, kan bijdragen aan een toename van positieve religieuze coping, klinisch herstel (verminderen van klachten) en existentieel herstel (toename van hoop en spiritueel welbevinden).

Stress, coping en herstel

Stress wordt gedefinieerd als de subjectieve beleving van een verstoord evenwicht tussen draaglast en draagkracht. Coping omvat de pogingen om de stressvolle situatie en de daaruit voortvloeiende emoties, gedachten en gedragingen onder controle te krijgen. Effectieve copingstrategieën, zoals het zoeken van sociale steun, zijn cruciaal.

De moderne geestelijke gezondheidszorg richt zich niet alleen op het bestrijden van symptomen, maar ook op 'leren omgaan met'. Dit omvat het ontwikkelen van voldoende coping om weer te werken aan (aangepaste) doelen en het bevorderen van welbevinden en functioneren, ondanks beperkingen. Herstel wordt hierbij gezien als het ervaren van een bevredigend, hoopvol en betekenisvol leven, ondanks de ziekte.

Religieuze coping

De confrontatie met ingrijpende levensgebeurtenissen roept vragen op over betekenis en zingeving. Religieuze coping omvat de zoektocht naar nieuwe zin en betekenis binnen een religieus kader. Strategieën hierbij kunnen zijn:

  • Het vinden van zin en betekenis.
  • Het verschaffen van controle.
  • Het zoeken van contact met God.
  • Het vinden van sociale steun.
  • Het handhaven, herstellen of vergroten van het gevoel van eigenwaarde.

Religieuze coping kan zowel positief als negatief zijn. Positieve religieuze coping staat in verband met een betere geestelijke gezondheid en posttraumatisch herstel. Negatieve religieuze coping daarentegen kan leiden tot spanning, angst en depressie.

Onderzoek suggereert dat religieuze coping een belangrijkere rol speelt dan behandelaars vaak denken. Het betrekken van religieuze of spirituele thema's in diagnostiek en behandeling, indien de cliënt dit wenst, kan leiden tot een beter behandelresultaat. Voor jongeren kan een positieve religieuze copingstijl een beschermende factor zijn tegen suïcidaal gedrag.

tags: #zingeving #na #vertrek #religie