Uitbreidingsplannen Defensie en Zorgen in Overijssel
Eind vorig jaar presenteerde defensie de uitbreidingsplannen, die aanzienlijke gevolgen kunnen hebben voor de provincie Overijssel. De provincie heeft in een brief aan defensie haar zorgen geuit over de zoektocht naar meer oefen- en opslaggebieden, maar ziet ook kansen. Door de toenemende oorlogsdreiging, de steun aan Oekraïne en de uitbreiding van de krijgsmacht groeit defensie uit het jasje, waardoor er meer ruimte nodig is voor kazernes, oefenterreinen en opslagplaatsen.
Behoefte aan Opslagruimte voor Munitie
Om verouderde depots te renoveren, moet de daar opgeslagen munitie verhuizen. Bovendien wordt de voorraad munitie flink aangevuld. Hiervoor is een locatie nodig met een beschikbare ruimte van 70 hectare, met zo min mogelijk bebouwing, weinig tot geen kwetsbare infrastructuur zoals bruggen, en met een goede aansluiting op de binnenvaart en het spoor richting Duitsland. Niet verrassend dus dat Overijssel in beeld is voor deze opslag.
Onderzoek naar Locaties in Overijssel
Er worden zeven locaties onderzocht, onder meer in Dinkelland, Staphorst en Kampen. Als het aan defensie ligt, komt er één grote locatie of anders twee iets kleinere in Overijssel. De provincie benadrukt dat, mocht de keuze op een locatie in Overijssel vallen, dit moet gebeuren met een zorgvuldig proces en een goede onderbouwing. Bovendien mogen de plannen geen beperkingen en belemmeringen voor de omgeving met zich meebrengen.
Dronevluchten en de Impact op de Omgeving
Defensie wil onder meer met onbemande drones goederen vervoeren tussen vliegbasis Twenthe, Marknesse en Arnhem. Dit betekent dat de vluchten over onder andere Kampen/IJsseldelta, Zwolle en Twente zullen plaatsvinden. Hoewel defensie stelt dat er geen fysieke aanpassingen nodig zijn van de oefengebieden, verwacht de provincie dat dit wel het geval is. Zelfs bij kleine aanpassingen, liggen de meeste oefengebieden in of nabij beschermde natuurgebieden.
Samenwerking en Vragen over Laagvliegende Helikopters
Defensie maakt nu al geregeld gebruik van vliegbasis Twenthe. De provincie ziet kansen om die samenwerking verder uit te breiden, in overleg met de gemeente Enschede, die mede-eigenaar is. Overijssel wil echter meer informatie van defensie over de mogelijke overlast door laagvliegende helikopters. De plannen maken nog niet duidelijk of de laagvlieggebieden jaarrond of periodiek gebruikt zullen worden.
Helikopterlandingsplaatsen en Natuurbescherming
Omdat er ook gezocht wordt naar helikopterlandingsplaatsen, wil de provincie de gevolgen daarvan voor de directe omgeving en de aanvliegroutes weten. Daarnaast is Overijssel benieuwd of deze landingsplaatsen ook gebruikt kunnen worden door bijvoorbeeld hulpdiensten en bedrijven. Met betrekking tot natuurbescherming, vraagt de provincie extra aandacht voor natuurgebieden, weide- en trekvogels.
Positieve Punten en Win-Win Situaties
De plannen hebben volgens de provincie ook positieve punten. Vanuit de kazerne in Havelte gaan de tanks via Steenwijk-Noord de bebouwde kom in, wat voor defensie een vrij lange route is. Steenwijkerland heeft in overleg met defensie een meer rechtstreekse verbinding voorgesteld naar een nieuwe aansluiting nabij afslag Steenwijk Zuid. Dit creëert ook meer ruimte voor woningbouw, wat de provincie van harte ondersteunt als een win-win situatie.
Integratie met Andere Ruimtelijke Opaven
Volgens de provincie komt de behoefte van defensie bovenop andere opgaven op het gebied van wonen, werken, energie en bereikbaarheid. Deze kunnen niet los van elkaar gezien worden, aldus Commissaris van de Koning, Andries Heidema, namens de provincie. Heidema doelt onder meer op voorkeursgebieden voor windmolens en vraagt defensie hiermee rekening te houden.
Dialoog met Lokale Gemeenschappen
Overijssel roept defensie op om in gesprek te blijven met zowel de provincie als met gemeenten en lokale gemeenschappen. Het is cruciaal dat de impact op lokale gemeenschappen zorgvuldig wordt meegenomen om maatschappelijk draagvlak te creëren. Daarbij kan het zeer waardevol zijn als defensie gebruikmaakt van lokale kennis en expertise om de plannen verder te ontwikkelen.
Bodemonderzoek met Helikopters in Noord-Nederland
Vanaf deze week vliegt een opvallende helikopter laag over delen van Friesland, Groningen en Drenthe. Met een groot meetinstrument onder zich speurt hij diep onder de grond naar ondergrondse structuren. Dit is onderdeel van het grootschalige onderzoek naar de ondergrond van Noord-Nederland, in het kader van het project FRESHEM-NL. Het onderzoek brengt tot 200 meter diep in kaart waar zoet en zout grondwater zich bevindt, en waar belangrijke kleilagen liggen die dat water beschermen.

FRESHEM-NL: Samenwerking en Financiering
FRESHEM-NL is een samenwerking tussen verschillende provincies, waterschappen en waterbedrijven. Voor het onderzoek in Noord-Nederland is ruim € 850.000 uitgetrokken, gedragen door de betrokken partijen. De helikopter vliegt op ongeveer 80 meter hoogte met een snelheid van 60 tot 80 kilometer per uur. De vluchten duren tot februari 2026 en vinden alleen overdag plaats, buiten het broedseizoen.
Overlast door Laagvliegende Helikopters: Klachten van Boeren
Boeren in de Achterhoek en Twente zijn woedend over de aangekondigde militaire oefening van defensie in februari, waarbij helikopters zo rakelings over huizen en stallen vliegen. Dit leidt tot stress en paniekreacties bij vee, met soms ernstige gevolgen. Volgens LTO Noord zijn er tientallen klachten binnengekomen, en worden er later ook fysieke klachten bij dieren zichtbaar.

Persoonlijke Ervaringen en Economische Gevolgen
Veehouder Freek Groot Nibbelink uit Halle vertelt hoe zijn koeien panikeerden nadat een Apache laag over zijn melkveehouderij vloog. Zakenman Hans Melchers stapt naar de rechter vanwege de overlast voor de dieren op zijn land. Onderzoeker Hans Hopster van Wageningen University begrijpt de woede en benadrukt dat vee als prooidier snel in stress schiet. Naast fysieke schade, kunnen boeren ook economische schade lijden, doordat gestreste koeien minder melk afgeven.
Defensie Verdedigt Oefeningen
Het Ministerie van Defensie stelt dat gemeenten in het oefengebied vantevoren tweemaal zijn ingelicht. Ze hebben begrip voor de klachten, maar geluidsoverlast is nauwelijks te voorkomen. Laagvliegen hoort bij tactische oefeningen en is noodzakelijk om veilig en inzetbaar te blijven.
Nieuw Bodemonderzoek met Helikopter en Meetring
Vanaf begin deze maand gaan twee helikopters de lucht in om onderzoek te doen naar grondwater en ondergrond in Noord-Nederland. Met een gigantische hoepel onder zich, die tot 250 meter diepte kan meten, wordt een 3D-beeld van de ondergrond gecreëerd. Dit onderzoek, onderdeel van FRESHEM-NL, is gericht op het in kaart brengen van zoet- en zoutwater en kleilagen.

Doelstellingen van het FRESHEM-NL Project
Het project FRESHEM-NL, een samenwerking tussen provincies, waterbedrijven en waterschappen, wil meer informatie verzamelen voor weloverwogen beslissingen over schaarser wordend grondwater. De helikopters vliegen rechte lijnen, dicht boven de grond, met de meetring zwevend op 35 tot 50 meter hoogte. In totaal zullen de helikopters 25.000 kilometer afleggen.
Verzilting en de Rol van Kleilagen
In de kustgebieden is het hoofddoel het in kaart brengen van verzilting. Onderzoekers willen weten in hoeverre zoetwater onder de grond zouter is geworden, wat een probleem vormt voor natuur, landbouw en drinkwatervoorziening. Meer landinwaarts wordt onderzocht waar kleilagen zitten, die als een beschermhoesje rond grondwater fungeren en het beschermen tegen verontreiniging.
3D-Kaart van de Ondergrond
Uiteindelijk maken de onderzoekers een 3D-beeld van de noordelijke provincies en een deel van de Nederlandse kustzone, dat laat zien wat er tussen de oppervlakte en 250 meter diepte ligt. Dit beeld kan gebruikt worden voor beslissingen over waterwinning en maatregelen tegen verzilting. De resultaten worden verwerkt tot een digitale 3D-kaart van Nederland en zijn naar verwachting halverwege 2027 beschikbaar.
Militaire Oefening Falcon Spring in Noord-Nederland
Vanaf vandaag voeren zo'n 1.500 Nederlandse land- en luchtmachtmilitairen, samen met een Amerikaanse helikoptereenheid, bijna twee weken lang acties uit in Noord-Nederland. Vliegbasis Leeuwarden is het centrum van deze oefening, genaamd Falcon Spring. Hierbij wordt intensief samengewerkt tussen het Defensie Helikopter Commando en 11 Luchtmobiele Brigade.

Laagvliegen als Tactische Noodzaak
Tijdens verschillende scenario's zetten helikopters de luchtmobiele militairen af op de grond, zowel overdag als 's nachts. Helikopterbemanningen trainen regelmatig het laagvliegen, wat essentieel is in gebieden met verhoogde dreiging van radars en raketsystemen. Laagvliegen helpt helikopters zich te verschuilen voor dreiging en zo min mogelijk op te vallen voor de vijand. Deze manier van zelfbescherming vereist specifieke en continue training.
Forward Operating Bases (FOBs)
Tijdens Falcon Spring worden ook tijdelijke bases, zogenoemde Forward Operating Bases (FOBs), opgericht. Deze zijn cruciaal in een oorlogssituatie om te blijven bewegen en onder de radar van de vijand te blijven. Vanuit deze FOBs voeren de militairen hun acties uit. Het opzetten en opereren vanuit meerdere, tijdelijke bases is een strategisch essentieel en realistisch scenario dat voor het eerst wordt beoefend.
Waarschuwing voor Bodemonderzoek in Noord-Holland
De provincie Noord-Holland waarschuwt voor bodemonderzoek met helikopters boven landbouwpercelen in het gebied boven het Noordzeekanaal. De aanwezigheid van helikopters en het meetinstrument, een hoepel, kunnen vee en landbouwhuisdieren laten schrikken. Het onderzoek brengt de bodemopbouw en de samenstelling van het grondwater tot een diepte van 200 meter in kaart.
Nationaal Programma Ruimte voor Defensie (NPRD)
Vanwege de veranderende wereldwijde veiligheidssituatie wil Europa, en Nederland daarbinnen, zich herbewapenen. Dit leidt tot de behoefte aan meer ruimte voor de Nederlandse krijgsmacht, wat is ondergebracht in het Nationaal Programma Ruimte voor Defensie (NPRD). Het Ontwerp-NPRD, inclusief Milieu Effect Rapportages (MER), bespreekt 44 lokale en 13 bovenregionale behoeften.
Commissie MER en Kritische Beoordeling
De onafhankelijke Commissie MER (CieMER) heeft de MER-documenten kritisch beoordeeld. Hoewel de CieMER waardering uitspreekt voor de inspanningen van Defensie, zijn er ook kritiekpunten. De CieMER stelt dat Defensie soms te beperkte en eenvoudige kreten gebruikt, en pleit voor een diepgaandere analyse van diverse effecten, zoals geluidsoverlast, stikstofuitstoot en de impact op biodiversiteit.
Impact van Laagvliegende Helikopters en Geluidsoverlast
De CieMER vraagt zich af of het beoogde aantal trainingsuren behaald wordt en uit de stikstofberekeningen zijn er twijfels. De commissie vindt dat de NPRD te weinig oog heeft voor andere landelijke thema's zoals woningbouw en energietransitie. Defensie vindt de impact daarop beperkt. De CieMER wijst op de potentiële geluidsoverlast en gezondheidseffecten door cumulatie van geluid van jachtvliegtuigen en laagvliegende helikopters, en pleit voor een grondigere aanpak van geluidsproblematiek, inclusief jaarlijkse monitoring.
Helikopterlandingsplaatsen en Bufferzones
Defensie wil ook het aan de grond zetten van helikopters en bijbehorende militaire operaties oefenen op negen bestaande oefenterreinen waar dit nu niet gebeurt. Er worden bufferzones rond woningen ingesteld, variërend van 200 tot 400 meter, afhankelijk van het aantal landingen per jaar. De CieMER wijst erop dat Defensie de geluidsberekeningen te simplistisch uitvoert en dat de impact op natuur en rustplaatsen van vogels en zeezoogdieren nader onderzocht moet worden.
How a Helicopter Works (Bell 407)
tags: #laagvliegende #helikopter #landal